Dingsdag den 21 Junij 1735, voormiddags.

[1]

Alle teegenwoordig. [2]

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Waarna geleesen is seeker versoekschrift door den pangerang Loring Passir [3] in de volgende bewoordinge gepresenteert:

Aan den Wel Edelen Gestr. Heere Jan de la Fontaine - - - beneevens den E. Agtb. Raad van Politie.

Wel Edele Gestr. Heer en E. Agtb. Heeren,

Geeft met alle respect en onderdanigheijd te kennen Uwe Wel Edele Gestr. en E. Agtb. oodmoedigen dienaar den pangerang Loring Passir, hoe den suppliant door Haar Hoog Edelens tot Batavia herwaarts gesonden sijnde (eenelijk uijt nijdigheijd van sijn schoonmoeder veroorsaakt) omme geduurende de leevenstijd van gem. sijne schoonmoeder ter deeser plaatse verbannen te blijven, en dewijl deselve reets lang overleeden is, gelijk meede zijn vaader en broeder, die hem seedert in 't te rug keeren naar India sijn hinderlijk geweest, maar dat den supplt. ook daar en booven nu reets tot den hoogen ouderdom van sestig jaaren is gekomen, en daar door niet in staat is om weegens de koude ter deeser plaatse te kunnen leeven, derhalven wend hij sig in alle eerbied tot Uwe Wel Edele Gestr. en E. Agtb. met needrig versoek dat deselve van die goedheijd gelieven te zijn aan den supplt. beneevens sijn vrouwen en kinderen te permitteeren om weederom naar Batavia te moogen vertrecken, dan wel indien sulx alhier niet kan werden toegestaan, diens weegens in faveur van den supplt. gunstelijk aan Zijn Hoog Edelheijd en de Edele Heeren Raaden van India te schrijven, ten eijnde den supplt., gelijk gesegt, mag werden g'accordeert omme met vrouwen en kinderen weeder na Batavia te retourneeren.

(Onderstondt) 't Welk doende &a.

En hoewel men wel verseekert is dat het daar bij gedaan wordende versoek om met vrouw en kinderen na Batavia te vertrecken, soo als het hier niet kan, door Haar Hoog Edelens ter dier hooftplaatse niet sal worden geaccordeert, is egter om van de lastige moeijelijkheeden van dien man en sijn geduurig aanhouden te worden ontslaagen, goedgevonden dat aan hem sal worden gesegt dat hij een brief of request aan welgemelte Haar Hoog Edelheedens tot Batavia geaddresseert sal kunnen opstellen, welk geschrift men dan met 's Comps. papieren derwaarts sal oversenden. [4]


Aldus geresolveerd ende gearresteerd in 't Casteel de Goede Hoop, ten daage en jaare voorsz. [5]
JAN DE LA FONTAINE.
A. V. KERVEL.
D. V. D. HENGHEL.
J. T. RHENIUS.
NS. HEIJNING.
HK. SWELLENGREBEL.
CL. BRAND.
R. TULBAGH. Rt. en Secrets.

 


Notes.

[1] Die Politieke Raad het ook op 2.6.1735 vergader. (Kyk C. 613 Dag Register, 2.6.1735, p. 69). In die kladnotule van daardie vergadering verskyn slegs een item: " Herri en nog een ander persoon in vrijdom gestelt". (Kyk C. 113 Resolutiën, Raad van Politie, Klad, 2.6.1735, p. 383).

[2] 'n Gedeelte waarin die Politieke Raad die bevordering van vier bemanningslede van Proostwijk goedgekeur het, is hier weggelaat. Kyk C. 29 Resolutiën, Raad van Politie 1, 21.7.1735, p. 182.

[3] Prins Loring Passir was die seun van Soesoehoenan Pacabouana van Java. Hy is in 1715 lewenslank na die Kaap verban nadat hy "in sijns vaders ongenaden vervallen en bij de Compagnie ter bescherminge" gekom het. Hy en sy gevolg het op 22.11.1715 met Gansenhoef in Tafelbaai aangekom. In Desember 1716 het die Politieke Raad besluit om hom na Stellenbosch te stuur, maar teen die einde van 1733 het hy na die Kaap teruggekeer. Sy versoekskrif kan gevind word in C. 237 Requesten en Nominatiën, 1735-1736, ongedateer, pp. 85-86.

[4] Passir se versoekskrif is kort hierna na Batavia gestuur. Vgl. C. 522 Uitgaande Brieven, Raad van Politie: register van stukke met Voorduijn na Batavia gestuur, 20.7.1735, pp. 472-473.

[5] Volgens die kladnotule van hierdie vergadering het die Raad ook die volgende besluite geneem: "De sergeant Tank in vrijdom gestelt. Steven Barbier sergeant a ƒ20 in de plaets. Die jonge Van der Burg meede vrij, gelijk ook Hans Jurrien de Coetzier ... Dessein tot boekhouder a ƒ30 gevordert. Burger notulen goedgekeurt. Christiaan Ludeker velbereijder a usu". (Vgl. C. 113 Resolutiën, Raad van Politie, Klad, 21.6.1735, pp. 383). Dit is waarskynlik sersant Jan Marten Tank van Orthof wat sy vrybrief ontvang het, terwyl Estienne Barbier van Basale (Basel?) in sy plek tot sersant bevorder is. Daar kon net nie met sekerheid vasgestel word wie "de jonge Van der Burg" en Hans Jurrien was nie. Desseijn is Joachim Nikolaus von Dessin van Rostok. Die "burger notulen" verwys heelwaarskynlik na 'n besluit wat die burgerkrygsraad op 6.6.1735 geneem het, t.w. om die burger Christiaan van der Schelden tot korporaal in die burgermilisie te bevorder in stede van Pieter Bissieux, wat oorlede is. (Vgl. B.K.R.I. Notules van Vergaderings van die Burgerskrygsraad, 6.6.1735, p.124).