Dingsdag den 17 Junij 1738, voormiddags.

Alle present.

Den schipper van het aanweesende Chinaas retourschip Beekvliet, Bastiaan Mol, versoek gedaan hebbende om ter oorsaak sijner swaare indispositie ter deeser plaatse te moogen overblijven, is sulx aan hem met stilstand van gagie geaccordeert. [1]

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Vermits ook door de regeering des eijlands Ceijlon van hier zijn versogt geworden twee a drie leevendige gestreepte ezels, [2] soodanig als deselve ter deeser plaatse in het wilde loopende worden gevonden, ten eijnde om tot een present voor den Candiaassen [3] vorst te kunnen dienen; is derhalven op het voorstel van den Heer gesaghebber goedgevonden dat om was het mogelijk, deese dieren ten behoeve der E. Comp. aan handen te krijgen, bij affixie van billietten aan een igelijk sal worden bekent gemaakt dat soo wie een deeser esels goed en leevendig opbrengende, ten deesen Casteele komt te leeveren, daarvoor, namentlijk voor ider beest (totdat men van twee of drie stux derselver voorsien zal zijn) sal genieten een praemie van hondert Rijxds., in verwagting dat de liefhebbers hierdoor sullen worden aangemoedigt om dit geld van d' E. Comp. te verdienen.

Waarna in overweeging genoomen zijnde dat de pangerang Dipa Nagara onwillig blijft om de justitieele kosten, dewelke omtrent desselfs slave jongen, Simon van Bengalen, sijn gevallen, [4] te voldoen; is hierom gearresteert en billijk geoordeelt dat gemelten slaaf Simon van Bengalen voor de voorseijde kosten door d' E. Comp. in eijgendom sal worden aangenomen.

Ook is op de gedane vrage van den E. soldij boekhouder en curator ad lites deeser plaatse, Cornelis Eelders, hoedanig te handelen met de goederen aen particulieren toebehoorende, dewelke in den voorleedenen jaare van de verongelukte scheepen sijnde geborgen, volgens het geresolveerde van den 23 Julij desselven jaars nog onder hem sijn berustende gebleeven, ten aansien niemand seedert is opgedaagd die deselve aan sig heeft kunnen toeeijgenen; beslooten en vastgesteld dat gemelte goederen als nu publicquelijk door den curator ad lites sullen verkogt en de daarvan provenieerende penningen in 's Comps. cassa getelt worden, om aldaar soo lang te blijven berusten tot dat i[e]mand sal kunnen aantoonen regt tot deselve te hebben.

Laa[t]stelijk is geleesen seeker versoekschrift door de wed. van den secretaris der weescamer, Jacob Leever, in de volgende bewoordinge overgegeeven: [5]

AandenE.Agtb.HeerenMr.DanielvandenHenghel,gesaghebber,beneevensdenE.Agtb.Politicque[n]RaaddeesesGouvernements.

E. Agtbe. Heer en Heeren,

Met innerlijke droefheijd en ziele smerte vind de suppliante UE. Agtbaarens gantsch needrige dienaresse zig genooddwangt met aller oodmoed te kennen te geeven dat haer man, Jacob Leever, ondercoopman en secretaris der weescamer alhier, deeser weereld overleeden zijnde, derselver nagelaaten goederen, volgens testament zijn vervallen op de suppliante en zijne drie naagelaatene kinderen, dan bedugtende dat den boedel van haaren overleeden man met veele schulden zouden moogen weesen beswaert (niet teegenstaande hij op zijn doodbedde verklaart heeft geen noemenswaardige schulden te hebben en daarop Gods Naam aangeroepen) gelijk alreets met veel verbaasens heeft moeten hooren dat de spraak gaat dat eenige aansienelijke crediteuren met een considerabele pretentie eerstdaags staan op te daagen en zij suppliante in cons[c]ientie betuijgd van soodanige schult iets [6] geweeten te hebben, zulx dat de simpele aanvaarding van haar overleedene mans nalaatenschap in dit gewrigt der zaaken haar soude moogen schadelijk zijn, vind zij niet geraaden deselve erfenis [7] te aanvaarden, anders als onder benefitie van inventaris.

Dan door dien den tijd reets verstreeken zijnde dat zij suppliante brieven van benefitie van inventaris had behooren te impetreeren, zijnde zulx gecauseert op de betuijging van haar overleedene man, gelijk hier vooren gemeld, en uijt haar onkunde in die saaken, versoekende ootmoedig relief van den versuijmden tijd en dat haer gunstelijk van UE.E. Agtb. brieven van benefitie van inventaris mag werden verleend.

(Onderstond) 't Welk doende &a. (Was geteekent) Jacomina Brommert, [8] weed. Jacob Leever.

Over welkers inhouden gedelibereert en ingesien zijnde dat den tijd in regten tot het verkrijgen van het benefitie van inventaris bepaald, niet alleen is overstreeken, maar dat ook gemelte wed. sig al een geruijmen tijd als erfgenaame en boedelhoudster van haaren overleedenen man gedraagen, en sig in het volle besit der nalaatenschap gestelt hebbende, dit optineeren [9] van benefitie van inventaris overzulx als nu geen plaats meer kan hebben; is derhalven goedgevonden en verstaan dat op hetselve request voor appostille sal worden gegeeven het versoek der supplte. in deesen gedaan, word om goede reedenen van de hand geweesen.


Aldus geresolveerd ende gearresteerd in 't Casteel de Goede Hoop, ten daage en jaare voorsz.
D. V. D. HENGHEL.
HK. SWELLENGREBEL.
J. T. RHENIUS.
NS. HEIJNING.
CL. BRAND.
R. TULBAGH. Rt. en Secrets.
MNS. BERGH.
CORNS. EELDERS.

 


Notes.

[1] Die Politieke Raad het vervolgens aandag gegee aan die bevordering van bemanningslede op Beekvliet en die Visch. Dit is hieronder weggelaat. Kyk C. 30 Resolutiën, Raad van Politie II, 17.6.1738, pp. 623-627.

[2] Kyk C. 139 Bylagen tot de Resolutiën, Raad van Politie: eis, 27.1.1738, pp. 307-308.

[3] Die skrywer van die Haagse kopie het ook geskryf Candiaassen. Kandi (Kandia, Candia) is 'n stad op die sentrale hoogland van Ceylon.

[4] Kyk C. J.20 Oorspronklike Regsrolle en Notule (Krimineel Alleen), 6.3.1738, pp. 12-14.

[5] Kyk C. 238 Requesten en Nominatiën, 1737-1738, ongedateer, pp. 379-380.

[6] In sowel die Haagse kopie as die oorspronklike versoekskrif staan ook iets. Waarskynlik word niets bedoel.

[7] In die oorspronklike versoekskrif sowel as in die Haagse kopie staan ook erfenis i.p.v. erfenis.

[8] Jacomina Brommert was die dogter van Jan Brommert en Anna van Schalkwyk. Na die dood van haar eerste man, Jacob Voet van Amsterdam, in 1722, is sy weer op 11.8.1726 met Jacob Leever getroud. Twee kinders, Jan en Anna Appolonia, is uit die tweede huwelik gebore.

[9] In die Haagse kopie staan ook optineeren i.p.v. obtineeren.