Dingsdag den 11: Jann: 1774.

'S voormiddags alle Present, behalven den Heer Major Hendrik van Prehn, mit Indispositie.

Op heeden geresumeerd zijnde, het geagt aanschrijvens van haar wel Edele groot Agtb: de Heeren der hooge Indiasche Regeering, de dato 26: October pass:o, het welk p:r de Retourscheepen 't Huijs te Crooswijk en Juno, alhier is aangebragt, Soo is beslooten, daarop eerbiedig te Rescribeeren: dat hoe zeer men altoos zijn uijtterste devoir alhier aangewend en zig beijverd heeft, om de Successivelijk aanlandende Scheepen der E: Comp:n ten allerspoedigsten weederom te dimitteeren, men daaromtrent egter met d'uijtkomende Scheepen des voorl: Jaars, tot leedweesen, niet naar wensch heeft kunnen reusseeren, nademaal die Scheepen, gelijk zulx aan haar wel Edele groot Agtb: Schuldpligtig is geadviseerd, genoegsaam alle te gelijker tijd, en wel wanneer het winter Saijsoen al vrij na op handen was geschooten, alhier zijn koomen te verschijnen, meerendeels met aanbrenging van een buijten gewoon groot getal Dooden en zieken, welke laatste door het gaande weg instorten van het op de been gebleeven volk, nog merkelijk in getal zijn komen te vermeerderen; Terwijl alle de Reconvalescenten uijt het Hospitaal, en zoo veel manschappen, als men maar immers van de hier permanente vaartuijgen, d' Equipagie werf en andere Posten heeft kunnen missen, tot Suppleering van het op de Retourscheepen benodigd geweest zijnde volk hebbende moeten werden g' Emploijeerd, men naderhand zig in die ongeleegendheijd gevonden heeft, om, ten eijnde de na China gedestineerde Scheepen Europa, Holland, Juno en Voorberg, tot vertrek in Staat te Stellen, de daarop gerequireerde manschap van d' andere Scheepen, die alhier van haare voor dit gouvernement aangebragte goederen moesten werden ontlost, te ligten, zonder dat tot het bemannen dier kielen, eenig ander middel, dan de Successivelijk hersteld raakende manschappen uijt 't Hospitaal quam over te blijven, invoegen hier door onvermeijdelijk heeft moeten volgen, dat gem: Bodems langer als andersints zoude geschied zijn, ter deeser Rheede hebben moeten vertoeven: ondertusschen dat men niet in gebreeken zal blijven, om bij aanhoudende Siekte der met de resp:e uijtkomende Scheepen aangebragte Impotenten ingevolge haar Hoog Edelens qualificatie, gedagte Bodems maar met 150: Coppen of iets minder, te laaten vertrecken.

Dat men meede niet zal afzijn, de door welgem: haar Hoog Edelens gedaane petitie van Tarw, Rogge, wijn en Boter, des mogelijk, ten vollen te voldoen, in hoope, dat de zodanige der verwagt werdende Scheepen, die alhier moeten lossen en daartoe de noodige ruijmte zullen hebben, Soo tijdig aan dit gouvernement Sullen mogen koomen te verschijnen dat deselve te deeser Caabser Rheede met voorsz: Producten Sullen kunnen werden afgelaaden.

Dat wijders zoo dra men van de Successivelijk hier van Mauritius aankomende fransse Scheepen, eenige quantiteijt Mauritius Ebbenhout zal zijn magtig geworden hetselve, Conform haar wel Edele groot agtb: g' Eerde ordre, na Neederland versonden, en het aangeschreevene, ten opzigte van den om zijn Domicilium ter deeser plaatse te houden, herwaards overgekoomenen Coopman en geweesen groot Winkelier tot Batavia, Johannes van Echten, Schuldpligtig zal nagekoomen en de door haar wel Edele groot Agtb: zoo ten faveure van ged:e van Echten als diversse andere persoonen, op dit gouvernement verleende assignatien, ter Somma van Rx 54259 3/8 behoorlijk voldaan werden: gelijk men ook niet manqueeren zal, om bij aldien tot Suppleering van dit montant, de benodigde Contanten uijt d' uijtkomende Scheepen Sullen moeten werden geligt, als dan daar van aan hoogst deselve de verschuldigde kennisse te geeven.

Sijnde voorts ook geresumeert, de door welgem: Heeren der hooge Indiasche Regeering herwaards gezondene bevinding op de Negotie Boeken deeses Gouvernements d' A:is 1769/70 en nadien bij de in margine van dien gestelde aanteekening werd geordonneert, dat de ƒ23629:15: die de Reecq:g van 't Hospitaal, weegens meerder verteerde heele en halve gagie, dan de gedaane onkosten bedragen, is te vooren geraakt, ten faveure van 't nieuw gebouwd werdend' hospitaal moeten overgeschreeven en daarmeede jaarlijx geContinuueerd werden: Soo is ten deesen opzigte verstaan, den Negotie Boekhouder deeses gouvernements te qualificeeren, bij deselve Boeken een aparte reecq:g van 't nieuwe Hospitaal te formeemeeren en daarop niet alleen ten goede te brengen, het geen de Reecq:g van 't oude Hospitaal, uijt hoofde der verteerde heele gagie van de daarin geleegen hebbende Impotenten tot heeden toe heeft te vooren gestaan, en daar door nog verder komt t' advanceeren, maar ook bij weege van redres Posten op 't nieuwe Hospitaal wederom ten lasten te brengen, zoo wel den op Reecq:g van Timmeragie en Reparatie gedebiteerden inkoop van 't Huijs en Erf, waar op het nieuwe hospitaal thans gebouwd werd, met de daarop tot nu toe afgeschreevene aan dat huijs verstrekte Bouwmaterialen en betaalde Contanten voor 't uijtdelven der nieuwe watersloot langs hetselve, als ook de op Reecq: van Randsoenen ordinair, vereffende maandelijxe Randsoenen, die aan de Arbeijders van dat gebouw verstrekt geworden zijn.

En is wijders na Lectuure der dieswegens ingediende Requesten, aan d'onderstaande Persoonen, het volgende geaccordeert, als:

aan M:r Bartholomeus van de Coppello en Robbert James Gordon, die A:s pass:o met het Schip Holland; als passagiers uijt Nederland alhier zijn aangeland, om met het ter Rheede leggend Retourschip azia, derwaards te mogen Retourneeren; Sullende d' Eerstgem:, ter zijner oppassinge met zig mogen meede neemen, een Slaven jongetje gen:t Alexander van Bengalen, ende Sulx onder betaalinge der daartoe Staande Transport en Costpenn:gen, te weeten voor geciteerde van de Coppello en Gordon, om in de Cajuijt gelogeert en getracteert te werden, dog voor het ged:e Slaven jongtje, gereekend van hier naar 't Patria, en van daar weederom herwaards te rug.

aan Juff:w Ernstina van Pabst, Suster van wijlen den Independent fiscaal deeses Gouvernements de Heer M:r Adrianus Albertus van Lawick van Pabst, omme met meede neeminge van desselfs twee kinderen gen:t Franciscus Emelius en Anthonetta p:r een der Retourscheepen deeses jaars, naar't vaderland terug te keeren; weshalven zij voor haar Persoon het ordinaire Transport en Costgeld voor Logies en Tractament in de Cajuijt Sullende moeten voldoen, is egter in opzigte der voorsz: twee kinderen goedgevonden, de betalinge der Transport en Costpenn:gen voor deselve, aan het goedvinden der Heeren Majores in 't Patria eerbiedgst gedefereerd te laaten.

aan Henrietta Helena Dagh, die in den voorl: Jaare met het Schip azia als Dienstmaagd der vrouwe Douarrierre van wijlen den Edelen Heere Gouverneur Pieter van Reede van Oudshoorn, herwaards is gekoomen, omme ingelijx met een der voorsz: retourbodems naar Neederland te vertrecken; Sullende deselve, om op den overloop te werden gelogeerd en getracteerd Transport en Costgeld moeten betaalen.

aan Elisabeth Maria Arland, Huijsvrouw van den geweesen opperChirurgijn in dienst der E: Comp:n Franco de Vrije, denwelken volgens besluijt van den 5:8bre: des jongst afgeweekenen jaars naar 't Vaderland Staat te werden gedimoveert; om neevens hunl: twee kinderen gen:t Theodorus Johannes en Catharina Elisabeth, met en in geselschap van derselver geciteerde man, derwaards te retourneeren: en nadien zij Supp:lte voor haar vertrek uijt het Patria, het volle Transport en Costgeld voor de reijze van daar na Batavia, werwaards zij doenmaals te navigeeren voorneemens is geweest, ter Somma van 50: Ponden vlaams ofte ƒ300 aan den Cassier ter Camer Middelburg heeft voldaan, gelijk Sulx uijt het bij haar Request overgeleeverd Extract der Monsterrolle van 't Schip Ruijteveld, waarmeede zij in den jaare 1767 is uijtgevaaren, komt te blijken, daar zij andersints, als met Consent deeser Regeering alhier verbleeven zijnde, met de helft dier ongelden had kunnen volstaan; zoo is ter Consideratie van dien, als ook uijt aanmerkinge van der Supp:lte behoeftigen toestand, verstaan, haar als nu van de betaalinge der ordinaire Transport en Costpenningen t' Excuseeren.

Soo als ook aan den met het aanweesend voorseijlend Retourschip de vrouwe Cornelia Hillegonda alhier aangelanden geweesen Sous Lieutenant onder het Corps Dragonders te Batavia, Johan George Ernst op desselfs dies weegens gedaan Supplicq is gepermitteerd, omme ter zaake der Swangerschap zijner bij zig hebbende huijsvrouw Catharina Magdalena Verbeek met haar en desselfs aangehuuwde twee kinderen, in naame Hendriette Lieve en Agatha Alexandrina Relian, eenigen tijd met Stilstand van gagie ter deeser plaatse te verblijven.

Hier na door den Heer gezaghebber M:r Joachim van Plettenberg, als een der Executeurs des testaments van wijlen bovengem: Heer Independent fiscaal van Pabst, tekennen gegeeven zijnde, dat zijn E: Seer gaarne de kleederen, mitsg:s het Lijf- en Tafel- linnen goed, zoo van hem als van desselfs meede overleedene huijsvrouwe, afgepakt in twee kisten, d' eene lang 60-mitsg:s hoog 23 1/2 en breed 23 duijmen, en d' andere lang 60 1/2, hoog 24: en breed schaars 23: duijmen binnenswerks Rijnlandse maat, aan de Heeren Steven Swart, Constantijn van der Velde, en Hendrik Maurits van Pabst tot Amsterdam woonagtig, zoude willen oversenden; is goedgevonden daarinne te Condescendeeren.

Verders is aan den Landdrost van Stellenbosch en Drakensteijn, Marthinus Adrianus Bergh en den opziender van 't houtmaguazijn en Slaven Logie Gerhardus Hendrik Cruijwagen, op hunl: hier om in Scriptis gedaane Instantiën, toegestaan, onder 'S Comp:s papieren, ijder een Request aan de Hoog Edele Heeren Seeventhienen over te Senden, om met de qualiteijt en gagie van ondercoopman te mogen werden begunstigt: Terwijl ter Consideratie van 't goed genoegen 't welk de Supp:lte Steeds hebben gegeeven, en nog zijn geevende, verstaan is, derselver gementioneerde versoeken, met een favorabel voorschrijvens aan welgem: Heeren Seeventhienen t' appuijeeren.

Vervolgens nagezien weesende, de procuratiën en Zoldij Rekeningen van alsulke persoonen als op eene diesweegens geformeerde Lijst genoteerd Staan, tendeerende, om deselve aan haare gemagtigdens in 't Patria te moogen oversenden, zoo is ten dien belange goedgevonden, dat gem: Procuratiën en Rekeningen Sullen werden gesteld in handen van den E: provisioneel Fiscaal Oloff Martini Bergh, ten eijnde deselve behoorlijk t' examineeren.

Vermits 'S Landsboot Helena, volgens overgeleeverde verClaring der daar toe gesteld geweest zijnde geCommitt:s thans ten eenemaale is afgevaaren en niet weederom kan werden gerepareerd, heeft men dierhalven moeten besluijten, deselve te doen Sloopen, en het daarvan komende houtwerk tot het branden van 'S Comp:s kalk ovens te laaten gebruijken.

Thans meede ingediend en nagezien weesende de Lijsten, waarbij, zoo wel 'S Comp:s Dienaren als Landlieden onder de Districten van Stellenbosch en Drakensteijn Sorteerende, Sijn getaxeert geworden, tot het fourneeren van zodanig montant van Penn: als 'er nog tot het maken der nieuwe weegen tusschen de Caab en 't Ronde Bosje, is vereijscht geworden, volgens welke Lijsten, uijt de twee geciteerde Districten het bedragen van Rx 7057: Staande geContribueert te werden; Soo is voorts op het van weegens Landdrost en Heemraden aldaar gedane versoek, beslooten, dat de penn: die naar het voltooijen der voorsz: weegen, van het geciteerde bedragen van 7057:-: Rijxd:s Sullen koomen over te Schietten, aan Landdrost en Heemraden, ten behoeve van 'S Colonies Cassa Sullen werden terug gegeeven, ten eijnde daar uijt te kunnen goedmaken, de onkosten die 'er tot het verder dempen en aanvullen, zoo wel van de voorige loop der Rivier, als de doordeselve veroorsaakte Considerable verspoeling rondsom de Drostdije aldaar werden vereijscht.

En nadien het met het aan de kindersiekte gelaboreert hebbend Dogtertje van den Coopman en Fiscaal der Retourvloot D'E.Nicolaas de Joncheere, mitsg:s de bij hetselve tot nu toe aan boord van 't Retourschip Juno gebleevene Slavinnen, thans zodanig gesteld is, dat 'er geen besmetting van deselve te dugten zij, is dierhalven verstaan, geciteerde Persoonen als nu aan Land te laaten koomen.


Aldus Geresolveerd ende Gearresteerd, In't Casteel de goede Hoop, Ten Daage en Jaare voorsz:
J. v. Plettenberg
P: Hacker
O.M.Bergh
R:t en Secret:s
A: v: Schoor J: J: Le Suëur
D . Westerhoff
Otto Luder Hemmij