Inventaris van de archieven van de Compagnieën op Oost-Indië, 1594-1603
Compagnieën op Oost-Indië

Beschrijving van de archiefbestanddelen

I.   Compagnieën te Amsterdam.

B.   De Oude Oost-Indische Compagnie (1598) / de Eerste Vereenigde Compagnie op Oost-Indië te Amsterdam (1600).

2.   Stukken betreffende de tweede voyage (uitreeding door de Oude Oost-Indische Compagnie in 1598).

e.   Stukken ontvangen van de teruggekeerde schepen Amsterdam en Utrecht.
55
Brief van Philips Grimmaert aan Wybrant van Warwijck.
1599 januari 18.
1 stuk
56
Brief van Albert ten Haeghe in het schip Zeeland aan Wybrant van Warwijck. Met duplicaat.
1599 februari 4.
2 stukken
57
Verhaal van propoosten met de regeerders van Ambonia en den koning van Ternate in 1599 door Wybrant van Warwijck.
Ongedateerd.
1 stuk
N.B. Blijkens het handschrift geschreven door Van Warwijck.
Gedrukt: De Jonge. OpkomstII, p. 381-385.
58
Register van sententiën van het College van de justitie op het schip Utrecht.
1599 maart 1 -1600 augustus 4.
1 deel
N.B. Hierin drie losse stukken 1599 november 1599 november 27 - 1600 januari 7.
59
Verklaring van Jan Cornelisz. May, schipper van de Zeelandia, afgelegd op het schip Utrecht ten behoeve van Albert ten Haeghe.
1599 maart4.
1 stuk
60
Reisjournaal, gehouden op de Vriesland en sedert 1599 januari 8 op de Amsterdam door Heyndrick Dircxz. Jolinck, stuurman.
1598 mei 11 - 1600 augustus 14.
1 deel
N.B. Het bovenschrift luidt: "Journaal ofte schipvaert van een Oostindische reyse gedaen van Heyndrick Dirrecksen Jolinck van Zutphenanno 1598". Deze was stuurman op de Vriesland en ging krachtens besluit van 4 januari 1599 over op de Amsterdam.
Aan het journaal gaat vooraf eene beschrijving van Jolinck's leven sedert 1580. Deze autobiographie is gedrukt in het opstel van S. P. L'Honoré Naber. De reizen van "Heydrick Derrecksen Jolinck"van Zutphen. (Marineblad,Jaargang 1909-1910, Aflevering 6). Betreffende zijn verderen levensloop zie men de aanteekening bij Inv. nos. 135-136.
Dit exemplaar van het dagboek is niet door Heyndrick Dricxz. Jolinck eigenhandig geschreven, gelijke eene vergelijking van het handschriftmet dat zijner handteekening Hendrick Dyrricksoen onder de akte van sententie van 30 december 1599 uitwijst; het is echter blijkbaar een gelijktijdig afschrift.
Voor het Algemeen Rijksarchief verworven door aankoop van den boekhandel R.W.P. de Vries en Zonen te Amsterdam. ( Verslag1904, Aanwinsten n°. LXIV.)
61
Reisjournaal, gehouden op de Zeeland en sedert 1599 februari 24 op de Utrecht door Albert ten Haeghe, commies.
1598 mei 1 - 1600 augustus 30.
1 deel
N.B. Onder het aangeteekende op 4 februari 1599 staat overgenomen een door den houder van het journaal geschreven brief, onderteekend Albert ten Haeghe. Deze was op de heerreis commies op de Zeeland; 24 februari 1599 werd hij overgeplaatst op de Utrecht.
62
Reisjournaal, gehouden op de Utrecht door Reyer Cornelisz., stuurman.
1598 mei 1 - 1600 augustus 19.
1 deel
N.B. Dit reisjournaal is in gelijktijdig ander handschrift gemerkt: Journael Reyer Cornelisz. Deze was stuurman op de Utrecht. Dat het opschrift juist is, blijkt uit den inhoud van het journaal en uit de gelijkheid van het schrift van het dagboek met dat van de handteekening van Reyer Cornelisz., voorkomend onder de akte van 24 april 1598.