Inventaris van de archieven van de Compagnieën op Oost-Indië, 1594-1603
Compagnieën op Oost-Indië

Beschrijving van de archiefbestanddelen

I.   Compagnieën te Amsterdam.

B.   De Oude Oost-Indische Compagnie (1598) / de Eerste Vereenigde Compagnie op Oost-Indië te Amsterdam (1600).

5.   Stukken betreffende de voyage van 5 schepen, uitgereed naar de Molukken door de Oude Oost-Indische in 1601.

b.   Stukken afkomstig van de teruggekeerde schepen Gelderland, Zeeland en Het Duifje.
130
Instructie voor den admiraal Wolphert Hermansz. en diens Privé Raad , beëdigd 1601 april 10.
ongedateerd
1 stuk
131
Instructie voor de schepen Utrecht en de Wachter, gedestineerd naar Ternate, gegevn in het schip Gelderland voor Banda.
1602 mei 3.
1 stuk
132
"Memoriael voor de rekening"van Wolphert
1601 september 8 - 1602 augustus 20.
1 deel
N.B. Dit memoriaal is geschreven in het handschrift, hetwelk hoogstwaarschijnlijk is van den secretaris op de Gelderland, den onderkoopman Symon Jacobsz. Een gedeelte is door Wolphert Hermansz. eigenhandig geschreven. Vergelijk de noot bij Inv. nos. 135-136.
133
Staat van de cargaisons, gelaten in de schepen Utrecht en de Wachter, op Banda onder Arent Wolphertsz. en te Bantam onder Claes Gaeff, benevens van de uitstaande schulden op Ternate en Banda.
1602 augustus 25.
1 deel
N.B. Geschreven in hetzelfde handschrift als het vorige nummer. Op den omslag staat een handelskenmerk, hetwelk de letters C. V. V. bevat, gelijk deze voorkomen op het zegel der Compagnie van Verre. Vergelijk de noot bij Inv. n°. 170.
134
Verklaring van Arent Wolphertsz. , dat hij heeft overgenomen van Hans Bouwer diens cargaison, resteerend op Banda, ten einde dit aldaar te verhandelen; gedaan op Banda .
1602 juni 21.
1 stuk
N.B. Met dorsale aanteekening in handschrift van Wolphert Hermansz.
135-136
Reisjournaal, gehouden op de Gelderland, met copie-resolutiën van den Breeden Raad, geschreven door den secretaris Symon Jacobsz. onder medewerking van admiraal Wolphert Hermansz.; met landopdoeningen en kaarten, geteekend o.a. door Joris Joostenz. Laerle, benevens afbeeldingen van visschen en vogels.
1601 april 22 - 1603 april 14.
2 delen
N.B. Dit reisjournaal, ingeschreven in het eerste der deelen, is volgens den aanhef een dagboek van de Gelderland. Het is een net-register, met het schrijven waarvan blijkbaar eerst op de terugreis een aanvang is gemaakt, nadat de teekeningen reeds waren vervaardigd. Hoogstwaarschijnlijk is het van de hand van den secretaris op de Gelderland, den onderkoopman Symon Jacobsz. Deze was als admiraalsdienaar uitgevaren op het admiraalschip (zie de opgave betreffende de commiezen op de vloot naar de Molukken in het klad-resolutieregister van Bewindhebberen, december 1600); krachtens resolutie van den Breeden Raad van 15 augustus 1602 kreeg Symon Jacobsz. de kwaliteit en rang van secretaris en onderkoopman op het schip Gelderland.
Het handschrift van het journaal komt overeen met dat der stukken, hiervoor beschreven onder nummers 132 en 133.
Enkele passages en aanteekeningen in het journaal zijn door admiraal Wolphert Hermansz. eigenhandig geschreven: men zie bijvoorbeeld fol. 35, v°., 72-74.
De kaarten in het tweede deel zijn, volgens bijschrift bij enkele, geteekend door Joris Joostenz. Laerle; deze, uitgevaren als onderstuurman en vermaner op de Zeeland (blijkens het klad-resolutieregister van Bewindhebberen), werd bij resolutie van den Breeden Raad van 13 october 1601 wegens onbekwaamheid in de stuurmanskunst overgeplaatst op het admiraalschip Gelderland om te dienen in zoodanig ambt als de admiraal zoude goedvinden.
Betreffende de teekeningen der landopdoeningen in het eerste deel kan slechts worden medegedeeld, dat zij - blijkens het handschrift der bijschriften - niet het werk zijn van den stuurman op het admiraalschip Hendrick Dirxz. van Zutphen.
Als vervaardigers der afbeeldingen van visschen en vogels - onder welke sommige teekeningen naar visschen in beide delen geheel gelijk zijn - komen in de eerste plaats in aanmerking de teekenaars der landopdoeningen en kaarten. Vermoedelijk heeft echter ook secretaris Symon Jacobsz. aandeel aan dit werk gehad : zoowel deze als admiraal Wolphert Hermansz. hebben bij verschillende afbeeldingen bijschriften geschreven.
Het reisjournaal is in 1872 door de Remonstrantsche Gemeente Rotterdam geschonken aan het Rijksarchief te 's-Gravenhage.
Den inhoud van het reisjournaal heeft P. A. Tiele behandeld in het opstel De scheepstocht naar Oost-Indië onder Wolfert Harmensz. (1601-1603), in: Bijdragen voor Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde, Nieuwe Reeks, Zesde deel (1870); aldaar zijn gepubliceerd de gedeelten, die aanvullen het uitgegeven Journaal ofte dach register van de voyage ghedaen onder het beleydt van den admirael Wofhart Harmansen naer Oost-Indien in den jaren 1601, 1602 en 1603 (Begin ende voortgang van de V. N. G. O. I. Compagnie, Deel I), van welke uitgave de text hoofdzakelijk met het hier beschreven journaal overeenkomt.
Van de kaarten Joris Joostenz. Laerle in het tweede deel van het journaal is die van Ternate gereproduceerd bij: dr. J.W. IJzerman. De reis om de wereld door Olivier van Noort 1598-1601. (Werken uitgegeven door de Lindschoten-vereeninging, XXVIII, 1926), deel II, tegenover p. 130.
Enkele mededeelingen, verband houdend met het journaal, zijn gedaan door dr. A. C. Oudemans. Iets over de journalen van Van Neck en anderen (Bijdragen Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde , Reeks 5, Deel 5, 1918, p. 331-334, 339), zulks naar aanleiding van diens Dodo-Studiën, opgenomen en Verhandelingen Koninklijke Academie van Wetenschappen, 2e Sectie, Deel 19 (1917).
135
Deel 1
136
Deel 2
137
Copie-brief (van Willem Cornelisz. Schouten, schipper op het Duifje?) houdend reisverslag (aan Bewindhebberen?) (na 1603 februari 17.
Ongedateerd.
1 stuk
N.B. Gedrukt bij: De Jonge. Opkomst II, p. 530-536 (aldaar te lezen p. 532, regel 4 v. o., in plaats van 23 january: 3 january; p.534, regel 4 v. o., in plaats van 7 january: 7 may).
Vergelijk over de vertaling van den brief, uitgegeven in de Hulsius-collectie: P. A. Tiele. Mémoire Bibliographique sur les Journaux des Navigateurs Neerlandais, p. 204.