De archieven van de Verenigde Oostindische Compagnie, 1602 - 1795

BESCHRIJVING VAN HET ARCHIEF

Verwant archiefmateriaal

HOOFDSTUK 5. KAARTEN EN TEKENINGEN VAN DE VOC

4. Elders gedeponeerde en afgedwaalde kaarten en tekeningen
In sommige gevallen zijn kaarten en tekeningen betreffende terreinen en gebouwen van de VOC in patria afgedwaald naar plaatselijke archieven en musea. Een deel van de kaarten en tekeningen in het Algemeen Rijksarchief betreffende de bezittingen in en de vaart naar Azië zijn eveneens uit het oorspronkelijke archiefverband verdwenen. Een gedeelte is al tijdens de VOC-periode van zijn plaats gehaald, onder meer voor de vervaardiging van kopieën in kaartboeken en -series. Vervolgens was de verwaarlozing van het archiefbeheer in de eerste helft van de negentiende eeuw oorzaak van het afdwalen van kaarten. Ook kan antiquarische interesse een rol gespeeld hebben. De antiquaar Frederik Muller haalde in Middelburg uit het bestand van de Westindische Compagnie een portefeuille kaarten die hij later bij het Algemeen Rijksarchief deponeerde. Men kan zich minder brave voorbeelden voorstellen: kaarten en tekeningen die uit het archief genomen en verkocht werden. Op deze wijze zijn kaarten met een omweg alsnog in het Algemeen Rijksarchief, maar ook elders terechtgekomen[1].
Een grote hoeveelheid VOC-kaarten berust nu in Parijs. De verwarde toestand aldaar in 1814-1815 droeg ertoe bij dat niet het gehele Nederlandse bestand uit het Dépôt de la Marine werd teruggehaald. Naast losse VOC-kaarten en -tekeningen die op drift raakten, is het oude bestand van de stuurmanskamer in Amsterdam van belang. Dit bestand van grotendeels getekende zeekaarten, ruw te schatten op 400 bladen (misschien enkele honderden meer), ging op in de verzameling van het Dépôt de la Marine. Vrijwel de complete verzameling oude kaarten en plans van dit Dépôt, waarvan de naam werd gewijzigd in Service Hydrographique de la Marine, werd in drie fasen overgedragen aan het Departement des Cartes et Plans van de Bibliothèque Nationale in Parijs. Andere delen van het oude bestand werden, in een opmerkelijke omgang met het respect des fonds, in de Archives Nationales en de Bibliothèque Historique de la Marine in Parijs en de Service Hydrographique in Brest gedeponeerd[2].
Behalve kaarten uit het VOC-archief zijn in het bestand van de Service Hydrographique kaarten van het VOC-octrooigebied opgenomen die afkomstig zijn uit de in 1796 geconfisqueerde archieven en verzamelingen van Stadhouder Willem V[3]. Er zijn geen gedrukte toegangen op het kaarten- en tekeningenbestand van de Service Hydrographique, dat meer dan alleen zeekaarten bevat. Een fotokopie van de inventaris van de bestanden van de Service Hydrographique is beschikbaar in de studiezaal kaarten en tekeningen van het Algemeen Rijksarchief[4].
Een ander belangrijk bestand is dat van de modellen van VOC-schepen. Zij zijn bij het ministerie van marine samengevoegd met de modellen van admiraliteits- en marineschepen. Dit bestand is in het midden van de negentiende eeuw beschreven[5]. Door toedoen van Victor de Stuers werd het bestand integraal aan het Rijksmuseum in Amsterdam overgedragen[6]. De scheepstekeningen die bij het modellenbestand in het Rijksmuseum horen, worden weliswaar in het Algemeen Rijksarchief bewaard (code MTSH), maar hierin bevinden zich voor zover bekend geen tekeningen van VOC-schepen.