Inventaris van het archief van de familie Radermacher, 1601 - 1797
familie Radermacher

Beschrijving van het archief

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer
In 1872 werd door Mr. E.P. Schorer te Middelburg namens de gezamelijke erfgenamen van zijn vader Mr. Pieter Nicolaas Schorer (overleden 1869) en van Samuel Radermacher (overleden 1761) aan het Nationaal Archief een collectie stukken geschonken, afkomstig van bovengenoemde Samuel en van Daniel Radermacher. [1]Deze stukken betreffen uitsluitend zaken van de Oost- en West Indische Compagnieën en zijn door de beide Radermachers, Samuel en zijn zoon Daniel verzameld in hun functies van bewindhebbers der beide compagnieën. Deze Radermachers behoorden tot het bekende, oorspronkelijk uit Duitsland, maar sinds het eind van de 16e eeuw in Zeeland gevestigde geslacht. [2]
Samuel Radermacher, zoon van Daniel Radermacher en Maria Beeckman werd te Midelburg geboren 15 maart 1693 en overleed aldaar 2 oktober 1761. Hij huwde 14 oktober 1721 te Middelburg Maria Elisabeth de la Rue. Als weduwnaar hertrouwde hij 2 januari 1732 met Cornelia Boddaert, dochter van Mr. Pieter Boddaert en Maria Kien. Hij vervulde veschillende functies in de stedelijke regering, zo was hij in 1715 tweede griffier ter thesaurie, in 1718 werd hij griffier. Als schepen komt hij voor tussen de jaren 1726 - 1760, als raad 1728 - 1755. Verder bekleedde hij het ambt van thesaurier en was verschillende jaren burgermeester. Sinds 1730 tot zijn dood in 1761 was hij bewindhebber van de Oost Indische Compagnie. [3]
Zijn zoon Daniel Radermacher, heer van Nieuwerkerk werd te Middelburg geboren 21 november 1722 en overleed aldaar 8 maart 1803. Hij huwde Susanna Libertina Boogaert, dochter van Paulus Boogaert en Ignatia Geertruyda Timmers. 3 november 1756, na de dood van zijn vrouw hertrouwde hij met Clasina Petronella de Kokelaer, weduwe van Mr. Daniel Jan Bouwens te Amsterdam. 9 augustus 1741 werd hij als student in de rechten ingeschreven bij de Leidse Universiteit, waar hij 1 juli 1743 promoveerde. Ook hij bekleedde verschillende ambten in zijn vaderstad, werd in 1762 raad en in 1763 schepen. In 1761 was hij zijn vader als bewindhebber van de VOC opgevolgd. Hij steunde kunst en wetenschappen, in het bijzonder interesseerde hij zich voor de scheepsbouw. Door tussenkomst van het Zeeuws Genootschap werd door hem een som beschikbaar gesteld voor een prijsvraag betreffende de beste schepen voor de VOC. [4]Op dit gebied zijn tal van stukken door hem verzameld en in de collectie bewaard.
Behalve van Samuel en Daniel Radermacher zijn er tussen door hen verzamelde stukken en aantekeningen nog een klein aantal stukken aanwezig, afkomstig van de grootvader van Samuel, Johan Radermacher, die geboren werd te Amsterdam circa 1633 en te Middelburg overleed 24 mei 1704. Hij was een zoon van Daniel Radermacher en Maria de Looper en gehuwd met Maria van der Stringe. In 1669 hertrouwde hij met Johanne de Haze. [5]
Aan de Universiteit van Utrecht werd hij in 1651 ingeschreven als student in de rechten. In 1658 verkreeg hij als licentiaat in die wetenschap het poorterschap te Middelburg. Tot de vermogende kooplieden behorend, werd hij in 1674 bewindhebber van de heropgerichte West Indische Compagnie. De in de collectie aanwezige stukken hebben uitsluitend betrekkingop deze functie. Bovendien was hij waterbaljuw van Zeeland en sinds 1679 tot zijn overlijden vervulde hij de functie van baljuw van Middelburg. Uit zijn eerste huwelijk met Maria van de Stringe stamt Daniel Radermacher, de vader van Samuel.
Tenslotte zijn in de collectie nog aanwezig een aantal stukken afkomstig van Pieter Boddaert, schoonvader van Samuel Radermacher. Ook deze Pieter Boddaert behoorde tot een patricisch Zeeuws geslacht als zoon van Pieter Boddaert, kiesheer en bewindhebber van de Oost Indische Compagnie en van Cornelia van der Helm. [6] Pieter Boddaert Jr. werd geboren 4 augustus 1659 en was gehuwd met Anna Maria Kien. Evenals zijn vader vervulde hij tal van stedelijke functies, was raad, schepen, burgermeester en bovendien bewindhebber van de Oost Indische Compagnie. Daarnaast was hij een ijverig beoefenaar van wetenschappen, in het bijzonder van het bijbelonderzoek. Hij stierf 14 maart 1732. Eén van zijn dochters, Cornelia, huwde met Samuel Radermacher.