Inventaris van het archief van de commissarissen-generaal S.C. Nederburgh, S.H. Frijkenius c.s. Van de Verenigde Oostindische Compagnie en Taakopvolgers. (Hoge Commissie) 1791 - 1799

Beschrijving van het archief

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud
Het archief van de Hoge Commissie zoals dat beschreven is in deze inventaris, is zeker niet het archief dat er ooit is geweest. Volgens Van der Chijs was het archief van het bestuur in de periode 1602-1816, voor wat de omvang betreft, een veelvoud (drie- of viermaal) van wat hij aantrof in 1880. Dat er zoveel archief verloren was gegaan, was volgens hem te wijten aan oorlogshandelingen, het vochtige klimaat, de vele insecten, de vele verplaatsingen, het ontbreken van goede archiefkasten en vervreemding.
De onvolledigheid is mede veroorzaakt door het feit dat een aantal archivalia abusievelijk werd beschreven in de zogenaamde 'Gewestelijke Archieven' die in het beheer zijn bij het ANRI. Deze archieven zijn kunstmatig samengestelde collecties die zowel archiefmateriaal bevatten uit de VOC-periode als uit de periode daaropvolgend. Het materiaal uit de VOC-periode is samengesteld uit archivalia van de toenmalige buitenkantoren binnen de 'Indonesische' archipel en abusievelijk geplaatst materiaal van de Hoge Regering en de Hoge Commissie. Ook zijn er archivalia van een groot aantal buitenkantoren in de collectie van een ander buitenkantoor geplaatst. Dit is een direct gevolg van het door Van der Chijs toegepaste en later voortgezette 'herkomstbeginsel'. (Zie bijlage 7 van de inventaris Hoge Regering voor een lijst van deze archieven.)
Het mag niet worden uitgesloten dat er zich in andere archieven uit de VOC-tijd ook nog stukken bevinden van de Hoge Commissie.
(Zie voor de geschiedenis van dit archief de inventaris van het archief Hoge Regering.)